D.D. Trans:
SOLO #1



Periode: 19.07—19.08.2017

De naam D.D. Trans is een pseu­do­niem dat Frank Tuytschaever ont­leen­de aan een inmid­dels opge­he­ven trans­port­be­drijf. Zijn debuut was een groeps­ten­toon­stel­ling samen­ge­steld door Dirk Snauwaert in 1990 in CC Gildhof in Tielt. In 2005 gaf hij het kun­ste­naar­schap op, maar van­af 2014 bereid­de hij zijn come­back voor. 


Website
Partnership(s): UFO
DSC 0147 DD Trans 07 aug 2017 45

D.D. Trans:
SOLO #1

D.D. TRANS

The artist’s work is about trans­for­ma­ti­on: day-to-day, often domestic objects are taken out of their fra­me­work and, after a small alte­ra­ti­on, are being tur­ned into works of art. The result is for­mal, poe­tic or fun­ny at times. Usually it con­cerns mini­ma­lis­tic chan­ges. A rub­ber door pro­tec­tor in the cen­tre of an emp­ty gal­lery beco­mes a stum­bling block, metal meat hooks form a heart, or a hat stand is made of clo­t­hes han­gers. The artist finds inspi­ra­ti­on in DIY sto­res. His voca­bu­la­ry com­pri­ses kit­chen paper, scrub­bing brus­hes and squeegees. He does not break radi­cally with his past but picks up whe­re he left off. Some ide­as return after all tho­se years but have been wor­ked out in more detail.”

(Sam Steverlinck)


SOLO #1

Centraal in de kapel liet de kun­ste­naar een groot wit plat­form bou­wen, een muse­a­le sok­kel voor een aan­tal bestaan­de en nieu­we objec­ten, dat een sterk con­trast vorm­de met de ruwe staat van de kapel. Zoals in eer­de­re resi­den­ties die D.D. Trans onder­nam, bood de spe­ci­fi­ci­teit van de ruim­te inspi­ra­tie voor een serie nieu­we ingre­pen. Zwarte verf­schil­fers die ooit de kapel­ra­men blin­deer­den trans­for­meer­den tot vleer­muis­jes aan het pla­fond van de slaap­ka­mer; de zwa­re hou­ten kapel­deur werd van 2 kope­ren kijk­ga­ten voor­zien, gelij­kend op trouw­rin­gen. Een toet­sen­bord werd een werk met het woord zon­der titel’ erin ver­stopt en een sculp­tuur die van ver­re aan­doet als een tand­wiel van zwaar metaal bleek gemaakt te zijn van een duis­ter zwart keu­ken­pa­pier. Dichters Herman Leenders en Guido van Heulendonck plaat­sten bei­den een tekst op de wan­den van het voor­ma­li­ge altaar, ook terug te vin­den in de cata­lo­gus waar­in D.D. Trans het gere­a­li­seer­de werk samenbracht.